chloraal
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheikunde) C2HCl3O
- (farmacologie) chlooraalhydraat dat men kan gebruiken als slaapmiddelAanstaand biograaf Lucien Custers schrijft over de tragedie van 1904: na een conflict op het Doetinchems Gymnasium (dat de landelijke pers haalde) neemt Dèr Mouw een flesje chloraal in, een sterke slaapdrank, in de hoop dat hij het niet overleeft.
Etymologie
* uit het Frans
Vertalingen
Engelschloral, trichloroacetaldehyde
Spaanscloral
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek