cathedra
mannelijk/vrouwelijk (de)/ka'tedra/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- zetel (van paus en bisschoppen)
Etymologie
*van het Oudgriekse καθησθαι "kathèsthai" (zitten).
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*van het Oudgriekse καθησθαι "kathèsthai" (zitten).