castagnetten
meervoud/ˌkɑstɑˈɲɛtə(n)/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- handklepper van twee bolvormige stukjes hout met een touwtje aan elkaar verbonden, zoals die veel gebruikt wordt bij het dansen van de flamenco
Etymologie
* via "castagnettes" van "castañetas" meervoud van het verkleinwoord van "castaña" "kastanje" omdat het op twee helften van die noot lijkt; ook op te vatten als "castagnet" / "castagnette" met uitgang -en, hoewel dit eerder terugvormingen zijn
Vertalingen
Engelscastanets
Spaanscastañuelas
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek