cassetteplafond

onzijdig (het)/kɑˈsɛtəplaˌfɔn(t)/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bouwkunde (bouwkunde) bovenkant van een ruimte in een gebouw die een patroon van meestal rechthoekige uitsparingen heeft
    De balklaag boven de hal bestaat uit twee moerbalken, die gekruist worden door twee ingelaten even zware balken, zodat een cassetteplafond van negen vakken ontstaat.