cantilene
mannelijk/vrouwelijk (de)/kɑnti'lenə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- zangerige melodie, kerkgezang
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘kerkgezang, zangerige melodie’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1847
Vertalingen
Spaanscantilena
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek