buxushaag

mannelijk/vrouwelijk (de)/'bʏksʏshax/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. afscheiding in een tuin of park bestaande uit een aaneengesloten rij gesnoeide buxusboompjes
    Maar die 43 man personeel, dat vindt Hester zorgelijk. "Het is niet zo dat deze staf ook nog eens de 4795 ramen gaat lappen en de buxushaag naar het evenbeeld van Jay-Z knipt – om maar eens wat te noemen. Zo is er bijvoorbeeld een verpleegster die de nagels van de kinderen knipt. De Telegraaf HESTER ZITVAST 08 aug. 2017 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1364174/43-man-personeel-voor-je-tweeling-ga-zelf-genieten-van-je-kinderen-beyonce 43 man personeel voor je tweeling? Ga zelf genieten van je kinderen Beyoncé]
    Na de zomervakantie gaat het gehele plein op de kop. Er wordt nieuwe bestrating aangebracht, er komen beplantingsvakken met meerstammige bomen, lantaarns, een buxushaag aan de zijde van de Rozengaarde en een speelterrein met het interactieve speeltoestel ‘Memo’. Tubantia Ronald Vrugteman 21-03-17 [https://www.tubantia.nl/rijssen-holten/facelift-voor-europaplein-in-rijssen~a6ab97a2/ Facelift voor Europaplein in Rijssen]