buurtsuper
mannelijk (de)/'byrtsypər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kleine) supermarkt die haar klanten vooral in één bepaalde wijk heeftDe inwoners van Bergamo zitten verplicht thuis. "We zijn volledig geïsoleerd", zegt de Nederlandse Edith de Vries. Alleen voor boodschappen in de buurtsuper mag ze één keer per week naar buiten.Wat zouden ze meer vrezen: het coronavirus of honger?: De meeste lezers hoeven zich deze vraag, net als ik, niet serieus te stellen. We blijven in ons eigen, veilige huis, houden afstand bij de buurtsuper en wassen bij thuiskomst netjes onze handen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek