brulapen
/plaatshouder taxonomie/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (primaten) een geslacht uit de familie grijpstaartapen (Atelidae). Dit geslacht bestaat uit elf soorten. De brulapen behoren samen met de spinapen tot de grootste apen van de Nieuwe Wereld. De brulapen danken hun naam aan de brulkoren die de dieren rond zonsopgang laten horen
Etymologie
* "brulaap" met de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek