bruidskroon
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- feestelijk hoofddeksel voor een bruid tijdens het huwelijksfeestIk was tenslotte geboren in januari, De derde foto was genomen voor de Uppenbarelsekyrkan in Saltsjòbaden, een typische bruiloftsfoto. Mama in een witte jurk met veel tule eromheen en een bruidskroon op haar hoofd met los haar en mijn vader kwam in een jacquet bukkend en lachend recht op de camera af begeleid door twee rijen mannen met getrokken sabels.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek