bronsgieter

mannelijk (de)/ˈbrɔnsxitər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) iemand die voorwerpen vervaardigt door een gesmolten legering van brons en tin in mallen te laten stollen
    Ik kende hem alleen als bronsgieter van de beroemde bronsgieterij A Cire Perdue, die in de jaren 60 zo’n beetje het werk van alle grote Nederlandse beeldhouwers had vervaardigd.
    De vaas is gemaakt door Griekse bronsgieters en heeft een inhoud van maar liefst 1.100 liter.