broddelaar
mannelijk (de)/'brɔdəlar/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die broddelt d.w.z. zonder voldoende kennis of vaardigheid een vak uitoefent en dus slordig, slecht werk levert, een knoeier, een beunhaas
Etymologie
* van broddelen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek