bras
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheepvaart) een lijn verbonden aan het uiteinde van een ra met als doel de ra ten opzichte van de wind te kunnen draaien
- ongekookte gepelde rijst (geen vervoegingen)
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘schoot van een ra’ voor het eerst aangetroffen in 1598
Vertalingen
Engelsbrace
Fransbras
DuitsBrasse
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek