Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
braakmaand
vrouwelijk (de)/ˈbrakmant/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (tijdrekening) (verouderd) zesde maand van het kalenderjaar
Etymologie
*(erfwoord) via Middelnederlands "braecmaent" van Oudnederlands "brakmanoth", op te vatten als : dit was in de vroege middeleeuwen de periode waarin bouwland werd omgeploegd en braak kwam te liggen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek