bouwsom

mannelijk/vrouwelijk (de)/'bɔusɔm/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de kosten die men maakt om iets te bouwen
    Wat de bouwsom betreft, zo’n 20 miljoen euro, is de modernisering van Enschede een vrij kleine klus. Qua complexiteit en korte doorlooptijd rekent opdrachtgever ProRail het project Groot Enschede echter tot de grotere klussen. Tubantia 22-07-13 [https://www.tubantia.nl/enschede/project-groot-enschede-megaklus-voor-prorail~a5fedb91/ Project Groot Enschede megaklus voor ProRail]
    Voor Losser geldt hetzelfde verhaal. Ook daar wordt het tien jaar oude zwembad Brilmansdennen (bouwsom: 4,2 miljoen euro) als basisvoorziening gezien: bijdrage gemeente 964.000 euro per jaar. „Staat in de begroting”, zegt manager Cor Ordelmans. Tubantia 03-12-15 [https://www.tubantia.nl/dinkelland/gemeenten-leggen-miljoenen-toe-op-zwembaden~abc58fd2/ Gemeenten leggen miljoenen toe op zwembaden]
    De bouwsom van de klus bedraagt circa 40 miljoen euro, werd vrijdag bekendgemaakt. De opdracht zal worden uitgevoerd door de Duitse werkmaatschappij van het Nederlandse concern. Tubantia 22-07-16 [https://www.tubantia.nl/economie/bam-krijgt-brandweerklus-in-duitsland~a4da2207/ BAM krijgt brandweerklus in Duitsland]