bondsstaat

mannelijk (de)/ˈbɔntstat/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een staat waarbinnen de soevereiniteit niet van één centraal punt uitgaat, maar is verdeeld over een aantal min of meer afzonderlijke delen (deelstaten) die ook ieder hun eigen rechtsstelsel hebben

Vertalingen

Engelsconfederation