bommenmaker
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die een explosief produceert of kan producerenIn de Malinese stad Gao zijn vermoedelijk twee bommenmakers omgekomen, toen hun fabricaties vandaag voortijdig ontploften. Dat meldden een veiligheidsbeambte en mensen die in de stad wonen, waar Nederlandse militairen gelegerd zijn.Het Parool 23 MAART 2015 [https://www.parool.nl/buitenland/bommenmakers-mali-blazen-zichzelf-per-ongeluk-op~a3922944/ ]Nachtelijke Amerikaanse luchtaanvallen op strijders van de Al-Qaidacel Khorasan in Syrië hebben waarschijnlijk aan een belangrijke bommenmaker van de terreurgroep het leven gekost. Dat heeft een woordvoerder van het Amerikaanse ministerie van Defensie gisteren gezegd.Het Parool 7 NOVEMBER 2014 [https://www.parool.nl/buitenland/-amerikanen-doden-franse-jihadist-in-syrie~a3784484/ 'Amerikanen doden Franse jihadist in Syrië']De politie denkt vanwege de omstandigheden dat de Tilburger een gevaarlijke bommenmaker is die bezig was met de voorbereidingen voor een misdrijf. de Telegraaf 10 feb. 2017 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1321296/bommenmaker-werkte-voor-no-surrender ’Bommenmaker werkte voor No Surrender’ ]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek