boerengezin

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. echtpaar met kinderen dat leeft en werkt op een agrarisch bedrijf
    De familie Heeg verdient niet veel aan de productie van de mest-stroom, maar het kost het boerengezin ook niets.
    De jonge Kipchoge, afkomstig uit een groot boerengezin in het plaatsje Kaptagat, zag Sang dagelijks trainen en hoorde over hem op de radio als de buurman internationaal goed presteerde.

Vertalingen

Engelsfarm household, farm family