boeklong

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈbuklɔŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een long die gestapeld en gevouwen is in weefsel, zo dat de gevouwen structuur er onder de microscoop uitziet als de bladzijden van een boek, en die gelegen in een speciale lichaamsholte
    Veel spinnen hebben boeklongen, en schorpioenen hebben er zelfs vier paar.

Vertalingen

Engelsbook lung
DuitsBuchlunge, Fächerlunge, Fächertracheen
Spaanspulmones en libro, pulmones laminares, filotráqueas
Italiaanspolmone a libro
Portugeespulmão folhoso, foliáceo
Poolspłucotchawki
Deensboglunge