blokhuis
onzijdig (het)/'blɔkhœys/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (militair) oude benaming voor een klein verdedigingswerk dat strategisch was geplaatst om een doorgang te bewaken
- (geschiedenis) (spoorwegen) wachthuisje van een baanwachter
Etymologie
* In de betekenis van ‘klein verdedigingswerk’ voor het eerst aangetroffen in 1562
Vertalingen
Spaansblocao
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek