blokfluit

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈblɔkflœyt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziekinstrument (muziekinstrument) een eenvoudig houten blaasinstrument dat recht voor de mond wordt bespeeld
    Door de constructie van de kop van een blokfluit is het blazen van een toon vrij gemakkelijk.
    Met een blokfluit bedoelt men meestal het sopraanmodel.

Etymologie

* In de betekenis van ‘blaasinstrument’ voor het eerst aangetroffen in 1944

Vertalingen

Engelsrecorder
Fransflûte à bec
DuitsBlockflöte
Spaanscaramillo, flauta de pico, flauta de recta
Italiaansflauto dolce
Zweedsblockflöjt