bloeien
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) het dragen van open, actieve bloeiwijzenAls alle bloembollen bloeien, komen daar veel toeristen op af.Is dit de zwaarste tijd voor hooikoortspatiënten? Dat hangt er maar net vanaf voor welk soort stuifmeel iemand gevoelig is. Verschillende plantensoorten bloeien in verschillende periodes, eigenlijk het hele jaar door. Het weer, en dan vooral de temperatuur, is van grote invloed op de precieze timing. Sander Voormolen NRC 3 juni 2016
- (inerg) overdrachtelijk het bijzonder goed makenOnder deze koning bloeide de handel en de nijverheid en heerste er welvaart en tevredenheid.Ook de Friese instelling Alliade kwam onlangs in opspraak omdat directeuren opdrachten verstrekten aan hun eigen, of aan bevriende ondernemingen. Dat werpt de vraag op of dit wel uitzonderingen zijn, of dat er sprake is van een wijdverbreide praktijk waarin een verkeerde mentaliteit gelegenheid kreeg om te bloeien.NRC 3 juni 2016Ik ben zo blij en trots dat jullie in ons leven zijn gekomen. Wij hebben jullie zo goed mogelijk proberen op te voeden en hebben jullie zien groeien en bloeien.
Etymologie
* In de betekenis van ‘in bloei staan’ voor het eerst aangetroffen in 901
Vertalingen
Engelsbloom, blossom, flourish
Fransfleurir, prospérer, fleurir
Duitsblühen, blühen
Spaansflorecer, prosperar, florear
Russischцвести, цвести
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek