bloeding

vrouwelijk (de)/ˈbludɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) het uitvloeien van bloed buiten de bloedsomloop of buiten het lichaam
    De bloeding kon gelukkig snel gestelpt worden.
    'Ik heb verhalen gehoord van mensen met een slagaderlijke bloeding die een halfuur moesten wachten.' Direct na deze woorden vervloekte ze haar spontaniteit die op momenten als deze een heuse tegenstander was.

Etymologie

* van bloeden

Vertalingen

Engelsbleeding
Franssaignement
DuitsBlutung
Spaanshemorragia