bloeden
/ˈbludə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) het vloeien van bloed uit het lichaamHet dier bloedde uiteindelijk dood.
Etymologie
*afgeleid van bloed
Uitdrukkingen
- moeten bloeden voor iets — heel vervelende gevolgen hebben van iets
- Doen alsof je neus bloedt — doen alsof je van niets weet
- Een doekje voor het bloeden (zijn) — een ontoereikende, slechts symbolische maatregel of ofwel: een smoesje zijn, niet de waarheid
Vertalingen
Engelsbleed
Franssaigner
Duitsbluten
Spaanssangrar
Italiaanssanguinare
Portugeessangrar
Turkskanamak
Poolskrwawić
Zweedsblöda
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek