blesseren
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) lichamelijk letsel toebrengenDe ongelukkige botsing van de twee spelers blesseerde hen beiden.
- (refl) lichamelijk letsel oplopenHij heeft zich in de wedstrijd lelijk geblesseerd.
- Lijdende vormen met worden zijn zeldzaam; meestal wordt gekozen voor een ergatieve constructie met rakenBeide spelers raakten geblesseerd.
- tweede betekenisomschrijvingZin met het blesseren in de tweede betekenis erin.
- enz.
Etymologie
*Van het Franse blesser
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek