Bijenkorf

mannelijk (de)/ˈbɛijə(n)ˌkɔrᵊf/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. imkerij (imkerij) kunstmatige behuizing waarbinnen een bijenvolk zijn raten kan bouwen, oorspronkelijk in de vorm van een gevlochten korf
    De imker had wel 20 bijvenkorven.

Vertalingen

Engelsbeehive
DuitsBienenkorb
Spaanscolmena
Russischулей