big bang
mannelijk (de)/bɪɡbɛŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (astronomie) de volgens de bigbangtheorie enorme explosie waaruit het heelal zo'n 13,7 miljard jaar geleden zou zijn ontstaan
Etymologie
* Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘oerknal, geboorte van het heelal’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1975
Vertalingen
Engelsbig bang, big bang
Fransbig bang
DuitsUrknall
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek