woorden
boek
Start
›
B
›
beuzelarij
beuzelarij
vrouwelijk (de)
/ˌbøzəlaˈrɛi/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
iets onbenulligs
Wat een beuzelarij allemaal.
Etymologie
* van beuzelen
Synoniemen
kleinigheid
nietigheid
futiliteit
trivialiteit
bagatel
onbeduidendheid
onbenulligheid
wissewasje
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← beuzelachtigheden
beuzelarijen →