besluiteloosheid

vrouwelijk (de)/bəslœytə'loshɛɪt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het besluiteloos zijn
    De besluiteloosheid van de zwakke bestuurder deed het bedrijf weinig goed.
    De besluiteloosheid van de arts deed zijn patiënten weinig goed.
    Onzekerheid, besluiteloosheid, twijfel: de verschillende namen kwamen allemaal op hetzelfde neer.

Etymologie

* afgeleid van besluiteloos