bergkap

mannelijk/vrouwelijk (de)/'bɛrxkɑp/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de beweegbare kap van een hooiberg
    De verwaarloosde hoefstal, waarin de hoefsmid vroeger de paarden besloeg, is gerestaureerd, net als de rosmolen. De éénroedige bergkap kreeg een nieuw rieten dak. Het iemenschoer is verplaatst en biedt weer onderdak aan bijen. Tubantia 02-07-16 [https://www.tubantia.nl/achterhoek/trekpaard-rens-opent-buitenmuseum-bij-de-lebbenbrugge-in-borculo~a8e10e33/ Trekpaard Rens opent buitenmuseum bij De Lebbenbrugge in Borculo]