beproeven

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) onderzoeken of het de juiste is
    Ik wilde de nieuwe methode beproeven, maar had al meteen tekort aan informatie.
    List woonde vanaf haar zevende jaar, na omzwervingen in weeshuizen, bij Jaap en Marie List op Vlieland. Uiteindelijk nam ze ook hun achternaam aan. Tot haar achttiende verbleef ze op het Waddeneiland, om vervolgens haar geluk te beproeven in Amsterdam, waar ze tot aan haar overlijden op 78-jarige leeftijd woonde.
  2. testen, op de proef stellen
    Door de auto onder de meest extreme omstandigheden te beproeven kregen we een goede indruk over de betrouwbaarheid.

Etymologie

*Afgeleid van proeven

Uitdrukkingen

  • je geluk beproeveneen poging wagen

Vertalingen

Engelstry, test
Fransessayer, éprouver, tester
Duitserproben, testen, prüfen
Spaansensayar, probar