belster
vrouwelijk (de)/ˈbɛlstər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vrouw die een telefoongesprek begintDe politie, brandweer en rivierpolitie rukten uit en zochten met schepen de rivier en bruggen af, aldus Oostenrijkse media. Na een uur werd de zoektocht gestaakt. Er werd geen drijvend kindje gevonden. De hulpdiensten gaan nu uit van een "slechte grap". De belster is niet gevonden. Ze belde met een anonieme mobiele telefoon. De Telegraaf 25 april 2017 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/138474/grappenmaakster-laat-hulpdiensten-werken Grappenmaakster laat hulpdiensten werken]Volgens het CDA kan Cohen wachten met het geven van uitleg tot het onderzoek volledig is afgerond. Dat richt zich nu op andere personen dan de zeven arrestanten, zoals de anonieme Brusselse belster. Het Parool 19 maart 2009 [https://www.parool.nl/nieuws/groeiende-kritiek-op-job-cohen~b413ab59/ Groeiende kritiek op Job Cohen]
Etymologie
* van bellen
Vertalingen
Engelsringer
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek