belenen
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) als onderpand voor een lening gebruikenDit stuk antiek kan in een pandjeshuis beleend worden.In vergelijking met andere gokverslaafden was het risico hanteerbaar, als ze de aandelen tenminste niet gingen belenen om nieuwe te kopen en die dan weer te belenen.
- (ov) (geschiedenis) in het leenstelsel (het feodale stelsel) werd door de leenheer iemand met een leen begiftigd17 februari 1404: Notitie dat hertog Willem beleende den heer van Egmond en van IJsselsteyn met alsulk goed, als hij tot dezen dage toe van de graaflijkheid van Holland in leen gehouden heeft.
Etymologie
*Afgeleid van lenen
Vertalingen
Engelspawn
Fransengager
Duitsverpfänden, beleihen
Spaanshipotecar, empeñar, pignorar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek