belazerd
/bəˈlazərt/
Betekenis
werkwoord
- (informeel) dwaas, gek, malBen je nu helemaal belazerd?
- (informeel) erg slecht
- (informeel) beroerd, onwilligZe zijn nog te belazerd om je even te woord te staan.
Etymologie
* In de betekenis van ‘bedonderd’ voor het eerst aangetroffen in 1874
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek