bekijken
/bəˈkɛikə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) ergens naar kijkenDe jongen was de nieuwste film van James Bond aan het bekijken.Wat had ik nu spijt van het plan om de zonsondergang en zonsopkomst vanaf de top te willen gaan bekijken.Voor het eerst kan het publiek de oudste koningskroon van Zweden bekijken. De kroon komt uit het graf van koning Erik IX, dat is geopend voor onderzoek.
- ergens over nadenkenDe leraar moest nog eens bekijken of hij de leerling toch niet een voldoende zou geven.‘Ik ben gelukkig vast in dienst. Voor mijn baas is deze situatie uiterst vervelend. Veel bedrijven moeten nu een balans gaan zoeken tussen geld blijven verdienen en de veiligheid. Vandaag gaan we ook bekijken hoe we het vanaf volgende week gaan doen met het werk.’Op wat voor vragen moet ik dan antwoord geven? Ik weet net zoveel als jullie. Of net zo weinig, het ligt eraan vanuit welk oogpunt je het bekijkt.’
Etymologie
*Afleiding van kijken .
Uitdrukkingen
- Bekijk het [maar]! — Onvriendelijke manier om aan iemand duidelijk te maken dat die zijn/haar zaken zelf moet zien op te lossen
Vertalingen
Engelswatch, see, look at
Duitssich ansehen
Turksgöz atmak
Poolsogladać
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek