beduiden

/xxxx/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) ergens naar verwijzen
    Dat beduidde iets anders.
    Dat waarschuwingslampje heeft niets te beduiden.
  2. iets met gebaren duidelijk maken
    Ik beduide hem in stilte dat hij moest gaan zitten.

Etymologie

* Afgeleid van duiden ; doublet van bedieden. Evenzo afgeleid zijn Nederduits bedüden ‘betekenen’, Duits bedeuten ‘betekenen’, Fries betsjutte ‘verklaren, beduiden’ en Oudengels (met ander voorvoegsel) ge-thiodan ‘vertalen’.

Vertalingen

Engelsmean