baton
mannelijk (de)/baˈtɔn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziekinstrument) stokje dat een dirigent bij het dirigeren hanteertSommige dirigenten gebruiken liever geen baton.
- (militair) met stof bekleed metalen staafje dat in plaats van een onderscheiding op een uniform wordt gedragen
- aan beide uiteinden verzwaard staafje waarmee een majorette kan jongleren
Etymologie
*van "bâton"
Vertalingen
Engelsconducting baton, baton
Fransbâton
DuitsTaktstock
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek