basstem

mannelijk/vrouwelijk (de)/'bɑstɛm/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. muziek (muziek) een lage mannenstem
    Hij heeft een prachtige basstem.
  2. muziek (muziek) de laagste stem in een stuk muziek van vier of meer stemmen
    In de renaissance werd er aan de voorheen gebruikelijke cantus, contratenor en tenor een vierde stem, de basstem toegevoegd.

Vertalingen

Spaansbajo