basket
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈbɑskət/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (basketbal) als doel dienende ring met netje
- (sport) basketbal
Etymologie
* van het Engels (mand)
Vertalingen
Engelsbasket
Franspanier
DuitsKorb
Spaanscanasta
Italiaanscanestro
Zweedskorg
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek