bariton
mannelijk (de)/'baritɔn/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziek) een mannenstem tussen bas en tenorHij had een welluidende bariton.
- een man die een stem tussen bas en tenor bezitDe beroemde bariton trok altijd volle zalen.
- (muziekinstrument) een koperen blaasinstrument
Etymologie
* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘mannenstem tussen bas en tenor’ voor het eerst aangetroffen in 1772
Vertalingen
Engelsbaritone
Spaansbarítono
Poolsbaryton
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek