barbecueën
/ˈbɑrbəˌkjuwə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) (kookkunst) een maaltijd bereiden op een open vuur in de open lucht, meestal gebruikt men houtskool als brandstof- Zullen we vanavond barbecueën?- Belangrijkste tip: til nooit ongevraagd de deksel van iemand anders op. Dat heeft alles te maken met de temperatuurbeheersing, zowel van vlees als van vuur; het belangrijkste aspect van barbecueën. Om dat goed te kunnen regelen, is geduld nodig. Sam de Voogt 9 mei 2016 NRC
Etymologie
*afgeleid van barbecue
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek