banklening

vrouwelijk (de)/'bɑŋklenɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de keer dat men geld leent bij een bank
    Banklening: Volgens Turkse media heeft Sarigül samen met zakenpartners in 1998 een lening van 3,5 miljoen dollar bij een Turkse bank afgesloten en vervolgens niet afgelost. De bankpapieren waren lange tijd kwijt, maar zijn onlangs door een bankier afgeleverd bij de autoriteiten.
    Een week geleden kondigde de minister van Financiën al aan dat geiten, schapen of koeien als onderpand mogen dienen bij een banklening.