bakkersknecht

mannelijk (de)/ˈbɑkərsˌknɛxt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) hulp in een bakkerij
    De bakkersknecht schuift de broodplank - met een gewicht van rond de tien kilo - waarop de broden hebben kunnen uitwasemen in de bakkerskar.