bagagerek

onzijdig (het)/ba'ɣaʒərɛk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een rek in of op een vervoermiddel voor personen waar men zijn bagage in kan opbergen
    Koffer met €1,7 mln aan juwelen uit bagagerek boven hoofd juwelier gestolen: Een Britse handelaar is in een trein van Birmingham naar Londen bestolen van 1,7 miljoen euro aan juwelen. De 35-jarige juwelier kwam er halverwege de rit naar de hoofdstad achter dat zijn koffer met sieraden was verdwenen uit het rek boven zijn hoofd. De politie verspreidde dinsdag een opsporingsfoto.de Telegraaf 14 nov. 2017
    De nieuwe generatie sprinters van NS krijgt onder meer een hypermodern lichtsysteem, stopcontacten en USB-aansluitingen. Wie met grote bagage komt zal die niet meer boven zijn hoofd kwijt kunnen, want de bagagerekken zijn met het oog op de doorkijk in het ontwerp een stuk kleiner.de Telegraaf 19 okt. 2017
    Terwijl ik stiekem Bibi's rugzak een klein beetje optilde toen zij hem van haar schouders haalde en haar vader hem vervolgens in het bagagerek deed.

Vertalingen

Engelsbaggage rack, luggage rack, luggage bin