baaivanger
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kleding) overjas voor zeelieden
- (sport) (ironisch) slechte schaatser
- (pejoratief) ruziemaker, ruziezoeker
- levenslustig iemand
Etymologie
* van baaivangen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
* van baaivangen