avondduister

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de donkerte van de avond
    De huizen en schuttingen waren in het avondduister op een hoopje gekropen.
    Mooie plaatjes tijdens ochtendgloren en avondduister: Noordoost-Twente is een gebied met veel aantrekkelijke kanten. De toeristen en zeker de vaste bezoekers die hier regelmatig terugkomen weten dat al lang.