averij
vrouwelijk (de)/avə'rɛi/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheepvaart) een schade aan een schip of lading gedurende een reisDe averij was groot en kostte het bedrijf veel geld.Gelukkig heeft het schilderij tijdens de reis geen averij opgelopen.
- schade
Etymologie
*afgeleid van het Italiaanse avaria of van havenen
Vertalingen
Engelsdamage
Spaansavería
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek