asbestkanker

mannelijk (de)/ˈɑzbɛstˌkɑŋkər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) ziekte waarbij cellen uit de vliezen om de longen of andere inwendige organen gaan woekeren
    Mesothelioom, de kanker van het borstvlies die ook wel asbestkanker wordt genoemd, behoort met longkanker tot de meest voorkomende beroepsziektes.

Etymologie

*; omdat blootstelling aan asbestvezels de meestvoorkomende oorzaak van mesothelioom is