arbeidstherapie

vrouwelijk (de)/'ɑrbɛɪtsterapi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) behandeling van lichamelijke en geestelijke ziekten door arbeid
    Er is wel gedacht dat rust houden essentieel was voor het genezingsproces, tegenwoordig denkt men echter dat juist activering, waarvan arbeidstherapie één vorm is, van het grootste belang is.
  2. medisch (medisch) deel van het re-integratieproces na ziekte
    Iemand die werkt in het kader van arbeidstherapie doet wel nuttige arbeid maar hoeft geen productie te maken.