aov
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (initiaalwoord), (afkorting) de afkorting voor Algemene ondernemersvaardigheden, voorheen het middenstandsdiploma
- (initiaalwoord), (afkorting) de afkorting voor Arbeidsongeschiktheidsverzekering, een Nederlandse verzekering die inkomensverlies als gevolg van arbeidsongeschiktheid verzekert
- (initiaalwoord), (afkorting) de afkorting voor Ambtenaar Openbare Veiligheid, een functie in de rampenbestrijding
zelfstandig naamwoord
- (initiaalwoord), (afkorting) de afkorting voor Algemeen Ouderen Verbond, een voormalige politieke partij
- (initiaalwoord), (afkorting) de afkorting voor Algemeen Oudedagsvoorzieningsfonds, een Surinaamse uitkering voor gepensioneerden
- (initiaalwoord), (afkorting) de afkorting voor Aanvullend Openbaar Vervoer, openbaar vervoer op afroep voor bepaalde doelgroepen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek