angora
onzijdig (het)/ɑŋˈɣora/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (dierkunde) benaming voor huisdierrassen met lang, zijdeachtig haar
- (materiaalkunde) wol van het angorakonijn of de angorageit
Etymologie
*van "angora", een verwijzing naar de oude naam Angora voor het huidige Ankara, in de betekenis van ‘wol’ voor het eerst aangetroffen in 1821
Vertalingen
Engelsangora, ankara
Spaansangora
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek